Blok Temperatuursensor

Het blok Temperatuursensor ontvangt gegevens van de Temperatuursensor. Je kunt de temperatuur meten in graden Celsius (°C) of graden Fahrenheit (°F) en hiervoor een Numerieke output krijgen. Je kunt ook de temperatuur vergelijken met een drempelwaarde en een Logische (Waar of Onwaar) output krijgen.

Zie De Temperatuursensor gebruiken voor meer informatie over de werking van de Temperatuursensor, de gegevens die de sensor verschaft en programmeervoorbeelden ervan.
Handige weetjes
Het blok Temperatuursensor voert gegevens uit via een Gegevensverbinding. Zie De Temperatuursensor gebruiken om de Temperatuursensor te gebruiken op manieren waarbij geen gegevensverbinding aan te pas komt.
De sensorpoort en de modus kiezen


Poortkiezer
Moduskiezer
Inputs
Outputs

Gebruik de Poortkiezer op het blok om ervoor te zorgen dat het poortnummer (1, 2, 3 of 4) van de sensor overeenstemt met de poort op de EV3-steen waarmee de Temperatuursensor verbonden is.

Gebruik de Moduskiezer om de modus voor het blok te selecteren. De beschikbare Inputs en Outputs variëren afhankelijk van de modus.
Modi
Meten – Celsius


Met de modus Meten – Celsius kun je de temperatuur in graden Celsius (°C) uitvoeren naar de output Temperatuur Celsius.
Meten – Fahrenheit


Met de modus Meten – Fahrenheit kun je de temperatuur in graden Fahrenheit (°F) uitvoeren naar de output Temperatuur Fahrenheit.
Vergelijken – Celsius


In de modus Vergelijken – Celsius wordt de temperatuur in graden Celsius (°C) met behulp van het geselecteerde Vergelijktype vergeleken met de Drempelwaarde. Het resultaat Waar/Onwaar wordt uitgevoerd naar Resultaat vergelijken, en de temperatuur wordt uitgevoerd naar Temperatuur Celsius.
Vergelijken – Fahrenheit


In de modus Vergelijken – Fahrenheit wordt de temperatuur in graden Fahrenheit (°F) met behulp van het geselecteerde Vergelijktype vergeleken met de Drempelwaarde. Het resultaat Waar/Onwaar wordt uitgevoerd naar Resultaat vergelijken, en de temperatuur wordt uitgevoerd naar Temperatuur Fahrenheit.
Inputs en Outputs
De beschikbare inputs voor het blok Temperatuursensor hangen af van de geselecteerde modus. Je kunt de inputwaarden rechtstreeks invoeren in het blok. Daarnaast kunnen de ingevoerde waarden ook verschaft worden via Gegevensverbindingen van de outputs van andere programmeerblokken.
InputTypeToegelaten waardenOpmerkingen
Vergelijktype Numeriek0 - 50: = (Gelijk aan)
1: ≠ (Niet gelijk aan)
2: > (Groter dan)
3: ≥ (Groter dan of gelijk aan)
4: < (Kleiner dan)
5: ≤ (Kleiner dan of gelijk aan)
Drempelwaarde NumeriekOm het even welk getalWaarde om sensorgegevens mee te vergelijken
De beschikbare outputs hangen af van de geselecteerde modus. Om een output te gebruiken, gebruik je een Gegevensverbinding om die te verbinden met een ander programmeerblok.
OutputTypeOpmerkingen
Temperatuur Celsius NumeriekTemperatuur in graden Celsius (-20 tot 120 °C).
Temperatuur Fahrenheit NumeriekTemperatuur in graden Fahrenheit (-4 tot 248 °C).
Resultaat vergelijken LogischResultaat Waar/Onwaar van een modus Vergelijken.
Temperatuur
Snelkoppelingen