De Kleursensor gebruiken

De Kleursensor kan via het kleine venster op de sensor de kleur of lichtintensiteit detecteren. De Kleursensor kan in drie verschillende modi gebruikt worden: Kleur, Intensiteit gereflecteerd licht en Intensiteit omgevingslicht.
Modus Kleur
In de modus Kleur kan de Kleursensor de kleur van een nabij object of van een oppervlak in de buurt van de sensor detecteren. Je kunt de modus Kleur gebruiken om bijvoorbeeld de kleur van een LEGO-onderdeel dat in de buurt van de sensor gehouden wordt of de kleur van verschillende markeringen op een vel papier te detecteren.


Handige weetjes
Wanneer de modus Kleur geactiveerd is voor de Kleursensor, gaan er rode, groene en blauwe ledlampjes op de voorzijde van de sensor branden.
De sensor kan zeven verschillende kleuren detecteren: zwart, blauw, groen, geel, rood, wit en bruin. Een object met een andere kleur kan gedetecteerd worden als „Geen kleur” of als een gelijkaardig kleur. Zo kan een oranje object gedetecteerd worden als rood of geel, afhankelijk van de hoeveelheid rood die het oranje bevat, of als bruin of zwart als het oranje erg donker is of te ver van de sensor verwijderd is.
Handige weetjes
Het object of oppervlak moet zich erg dicht bij de sensor bevinden (maar mag deze niet aanraken) om nauwkeurig gedetecteerd te worden.
Modus Intensiteit gereflecteerd licht
In de modus Intensiteit gereflecteerd licht detecteert de Kleursensor de intensiteit van het licht dat binnenvalt in de sensor. De intensiteit van het licht wordt gemeten als een percentage (0 tot 100), waarbij 0 erg donker en 100 erg helder is.

Wanneer de modus Intensiteit gereflecteerd licht geactiveerd is voor de Kleursensor, gaat er een rood ledlampje op de voorzijde van de sensor branden. Als de sensor zich dicht bij een object of oppervlak bevindt, zal dit rode licht gereflecteerd worden en vervolgens op de sensor vallen om gedetecteerd te worden. Op die manier kun je kleurschakeringen op een oppervlak of object meten, aangezien donkerdere kleurschakeringen minder van het rode licht naar de sensor zullen reflecteren.

Je kunt deze modus bijvoorbeeld gebruiken om je robot een zwarte lijn op een wit oppervlak te laten volgen. Als de sensor over de zwarte lijn passeert, zal de lichtmeting geleidelijk aan afnemen naarmate de sensor dichter in de buurt van de zwarte lijn komt. Je kunt dit gebruiken om na te gaan hoe dicht de robot zich in de buurt van de lijn bevindt.


Handige weetjes
De modus Intensiteit gereflecteerd licht meet de totale hoeveelheid licht die binnenvalt in de sensor. Dit omvat de reflectie van de rode led plus eventuele lichtbronnen in de ruimte. De sensor moet zich dus dicht bij het te meten oppervlak bevinden (maar mag dit niet raken) om de invloed van externe lichtbronnen te minimaliseren.
Modus Intensiteit omgevingslicht
In de modus Intensiteit omgevingslicht detecteert de Kleursensor net als in de modus Intensiteit gereflecteerd licht de intensiteit van het licht dat binnenvalt in de sensor. De intensiteit van het licht wordt gemeten als een percentage (0 tot 100), waarbij 0 erg donker en 100 erg helder is.

In de modus Intensiteit omgevingslicht gaat er een blauw ledlampje op de voorzijde van de sensor gedimd branden. Dit blauwe licht helpt je te zien dat de modus Intensiteit omgevingslicht geactiveerd is voor de sensor, maar beïnvloed de lichtmeting niet tenzij een object zich erg dicht bij de sensor bevindt.

Je kunt deze modus gebruiken om de helderheid van de verlichting in de ruimte te detecteren, of van andere lichtbronnen die op de sensor schijnen. Je kunt deze modus ook gebruiken om te detecteren wanneer de verlichting in een ruimte ingeschakeld wordt of wanneer er met een zaklamp op je robot geschenen wordt.


Gegevens van de Kleursensor
De Kleursensor kan de volgende gegevens verschaffen:
GegevensTypeBereikOpmerkingen
Kleur Numeriek0-7Gebruikt in de modus Kleur.
0 = Geen kleur
1 = Zwart
2 = Blauw
3 = Groen
4 = Geel
5 = Rood
6 = Wit
7 = Bruin
Licht Numeriek0-100Gebruikt in de modi Intensiteit gereflecteerd licht en Intensiteit omgevingslicht. Meet de lichtintensiteit als een percentage (0 = meest donker, 100 = meest helder).
Voorbeeld 1: Rijden tot een zwarte lijn bereikt wordt (methode 1)
Met dit programma blijft een robot rijden tot de Kleursensor een zwarte kleur detecteert, waarna de robot stopt. Het programma maakt gebruik van het blok Wachten in de modus Kleursensor - Vergelijken – Kleur om te zoeken naar de zwarte kleur.
Handige weetjes
Als je dit programma gebruikt terwijl de Kleursensor op je robot naar beneden gericht is en zich in de buurt bevindt van een licht gekleurd oppervlak met daarop een dikke zwarte lijn, zal de robot blijven rijden tot hij de lijn bereikt.
Voorbeeld 2: Rijden tot een zwarte lijn bereikt wordt (methode 2)
Met dit programma blijft een robot rijden tot de Kleursensor een donkere kleur detecteert, waarna de robot stopt. Het programma maakt gebruik van het blok Wachten in de modus Kleursensor - Vergelijken – Intensiteit gereflecteerd licht om te wachten tot de lichtintensiteit minder dan 50% bedraagt.
Handige weetjes
Het verschil met de methode in Voorbeeld 1 hierboven is dat je met dit programma kunt bepalen hoe donker de lijn moet zijn door de Drempelwaarde (hier 50%) te wijzigen. Daarnaast zal de robot ook stoppen bij om het even welke donkere kleur, niet alleen bij zwart.
Voorbeeld 3: Alleen rijden als de verlichting in de ruimte ingeschakeld is
Met dit programma gaat een robot rijden wanneer je de verlichting in de ruimte inschakelt en zal deze stoppen wanneer je de verlichting uitschakelt. Het programma maakt gebruik van Schakelen in de modus Kleursensor - Vergelijken – Intensiteit omgevingslicht om na te gaan of de lichtintensiteit meer dan 20% bedraagt. Schakelen bepaalt of de motoren in- of uitgeschakeld moeten worden. De input Schakelen wordt herhaald zodat de robot blijft reageren op veranderingen van de verlichting.
Voorbeeld 4: „Rood”, „Groen” en „Blauw” zeggen na detectie
met dit programma zegt de EV3 „Rood”, „Groen” en „Blauw” wanneer de Kleursensor die kleuren detecteert. Het programma maakt gebruik van Schakelen in de modus Kleursensor – Meten – Kleur om op basis van de gedetecteerde kleur te kiezen tussen verschillende blokken Geluid. Een vakje voor „Geen kleur” wordt toegevoegd en automatisch geselecteerd zodat de EV3 niets zegt wanneer deze drie kleuren niet gedetecteerd worden.
Voorbeeld 5: Een meter voor het gereflecteerde licht weergeven
Met dit programma wordt er een grafische lichtmeter weergegeven op het EV3-scherm. Het programma maakt gebruik van een blok Kleursensor in de modus Meten – Intensiteit gereflecteerd licht om het gereflecteerde licht te meten (0-100) en het resultaat via een gegevensverbinding te verkrijgen. Het resultaat wordt vermenigvuldigd met 1,78 om het aan te passen aan de breedte van het EV3-scherm (178 pixels) en wordt vervolgens gebruikt als breedte voor een gevulde rechthoek. Dit proces wordt herhaald zodat de weergave doorlopend geüpdatet wordt.
Handige weetjes
Beweeg de Kleursensor over oppervlaktes met verschillende kleuren en schakeringen terwijl dit programma geactiveerd is. Zo zul je zien welke kleuren er meer licht reflecteren.
Blokken en modi voor de Kleursensor
In de onderstaande tabel zie je alle programmeerblokken en modi die je kunt gebruiken met de Kleursensor.
BlokModusGebruiken
WachtenKleursensor – Vergelijken - KleurWachten tot de sensor een van de geselecteerde kleuren detecteert.
Wachten Kleursensor – Vergelijken – Intensiteit gereflecteerd lichtWachten tot de intensiteit van het gereflecteerde licht een bepaalde waarde bereikt.
Wachten Kleursensor – Vergelijken – Intensiteit omgevingslichtWachten tot de intensiteit van het omgevingslicht een bepaalde waarde bereikt.
WachtenKleursensor – Wijzig - KleurWachten tot de gedetecteerde kleur wijzigt.
WachtenKleursensor – Wijzig – Intensiteit gereflecteerd lichtWachten tot de intensiteit van het gereflecteerde licht met een bepaalde waarde wijzigt.
WachtenKleursensor – Wijzig – Intensiteit omgevingslichtWachten tot de intensiteit van het omgevingslicht met een bepaalde waarde wijzigt.
HerhalingKleursensor - KleurEen bloksequentie herhalen tot een van de geselecteerde kleuren gedetecteerd wordt.
Herhaling Kleursensor – Intensiteit gereflecteerd lichtEen bloksequentie herhalen tot de intensiteit van het gereflecteerde licht een bepaalde waarde bereikt.
Herhaling Kleursensor – Intensiteit omgevingslichtEen bloksequentie herhalen tot de intensiteit van het omgevingslicht een bepaalde waarde bereikt.
SchakelenKleursensor – Meten - KleurKiezen tussen twee of meerdere verschillende bloksequenties, afhankelijk van welke kleur er gedetecteerd wordt.
SchakelenKleursensor – Vergelijken - KleurKiezen tussen twee bloksequenties, afhankelijk van of er al dan niet een van de geselecteerde kleuren gedetecteerd wordt.
Schakelen Kleursensor – Vergelijken – Intensiteit gereflecteerd lichtKiezen tussen twee bloksequenties, afhankelijk van de intensiteit van het gereflecteerde licht.
Schakelen Kleursensor – Vergelijken – Intensiteit omgevingslichtKiezen tussen twee bloksequenties, afhankelijk van de intensiteit van het omgevingslicht.
KleursensorMeten - KleurDe gedetecteerde kleur meten (0-7) en het resultaat krijgen via een Numerieke gegevensverbinding.
KleursensorMeten – Intensiteit gereflecteerd lichtDe intensiteit van het gereflecteerde licht meten (0-100) en het resultaat krijgen via een Numerieke gegevensverbinding.
KleursensorMeten – Intensiteit omgevingslichtDe intensiteit van het omgevingslicht meten (0-100) en het resultaat krijgen via een Numerieke gegevensverbinding.
KleursensorVergelijken - KleurDe gedetecteerde kleur vergelijken met een of meerdere geselecteerde kleuren en het resultaat krijgen via een Logische gegevensverbinding (Waar als de kleur overeenstemt met een van de geselecteerde kleuren).
KleursensorVergelijken – Intensiteit gereflecteerd lichtDe intensiteit van het gereflecteerde licht vergelijken met een drempel en het resultaat krijgen via een Logische gegevensverbinding.
KleursensorVergelijken – Intensiteit omgevingslichtDe intensiteit van het omgevingslicht vergelijken met een drempel en het resultaat krijgen via een Logische gegevensverbinding.
DataloggingZie Datalogging.
Kleur
Snelkoppelingen